terça-feira, 18 de outubro de 2016

EEN LATE 65

WOORDJE TER GELEGENHEID VAN MIJN VERJAARDASFEEST.

65 JAAR, en er was feest. In april vierden we het reeds in Brazilië en dan op 11 september met familie en vrienden in België. Veel wou ik in een woordje zeggen, nachten in gedachten liggen schrijven, herschrijven en herbrouwen. Maar bij het opstaan vergeet je de helft (en dat heeft niets te zien met Alzheimer) en op het moment zelf dank je dan voor de vuist weg. Maar toch wil ik jullie dat nog zeggen:
Bedankt omdat je er bij was, jullie allen waren een deel van 65 jaar geschiedenis. Paulo Coelho schreef: “Ser como o rio que flui”, het is als de rivier die stroomt. Maar dat beeld wil ik toch wat nuanceren. Natuurlijk was ik blij dat de bron van deze levensrivier er bij was, papa en tante Lisette, tante Laurence die van nabij getuige waren. En wat heimwee voor hen die er niet meer bij konden zijn. Verder vloeit de rivier verder, rustig, kabbelend, af en toe wat stroming en twee bochten die hij maakt, een eerste in 2000 en dan een tweede in 2009. Maar hier hou ik het beeld van de rivier voor bekeken, laat hem maar rustig verder vloeien, naar waar en hoever nog ligt in de palm van God’s hand.
Naast het beeld van de rivier vind ik, als geschiedenisliefhebber, dat jullie allen een belangrijke rol in mijn leven, mijn geschiedenis, gespeeld hebben/ spelen. Johan, Katrien, Lieve en Stefaan om voor mij broer en zus te zijn. Het is moeilijk onder woorden te brengen hoeveel dat voor mij betekent. Kozzens en nichten, Martine, Ronald, Petra, Michel, Bart, Winnie, Els en Karel. Van elk van jullie zijn er herinneringen die ik met vreugde bewaar. En dat gaat van een go-car race in de Gemene Weidestraat tot het spookkot op zolder van de Karel de Stoutelaan. Graag had ik er Antoon en André bij gehad, Koksijde en legerdienst, maar na een kort contact met hen enkele jaren geleden is die tijd alweer de mist ingegaan.
Er is de vriendschap van enkele meisjes uit het home waar ik na mijn legerdienst begon te werken maar ook de blijvende band met Roos en Geert, bijna waren we er niet meer toen de vloed van de zee ons in Bretange begon in te halen, het water was even te diep. Verbonden met mijn werk, eerst in het home en dan later in het seminarie, is er Yolanda en Camiel zaliger die een jaar nadat ik begon in het home er kwam werken en me volgde naar het seminarie, ook een jaar later. Prachtige jaren, en we houden nog steeds dankbaar de herinnering aan Camiel levend. Via het seminarie en dan onze werkgroep, maar dan zitten we al in een ander hoofdstuk, kwamen Anne, Danny en lieve Rebecca al zingend (vooral dan Anne) in mijn leven. En als je seminarie zegt dan denk ik zeker aan de velen die priester werden gewijd, aan de zusters waar ik vaak een thuis vond. Dezelfde ‘Zusters van ’t gelove’ die ik sedert mijn jaren in het home ken en steeds bezoek als ik in België ben. Mijn leven lijkt wel verweven met zusters en priesters en de parochie Christus-Koning. Frederique, één van de laatste uit mijn seminariegeschiedenis was erbij. Helaas konden Rik, Lode en Jos niet komen, de zondag is nu eenmaal een dag met verplichtingen.
Vrienden van oudsher, Lien en Willy, een beetje uit het oog de laatste jaren maar niet uit het hart. Vele warme herinneringen, de Arthurboeken en -reizen, de wijnavonden in de tuin, ‘Master Chef’ avant la lettre, de opvang in moeilijke dagen. Talloze reizen maakte ik eveneens met mijn lieve schoonzus en -broer, Lene en Robert. En ik weet het Elke, ik ben niet zo’n voorbeeldige peter maar blij dat je er bij was. Vrienden zijn van alle tijden, Chris waarmee ik zoveel zorgen en leed heb gedeeld maar evenveel vreugde. Marc en Do, Italië ligt aan hun hart zoals Brazilië aan het mijne. Hun zoon leerde me AC/DC herontdekken. Maar we hebben meer dan dat te delen. Dichterbij in tijd leerde ik Werner en Anneke kennen, hier in ons Hannshof waren drie dagen genoeg om vrienden te worden. Werner maakte ook de fotomontage van mijn 65 jaren, nogmaals dank daarvoor.
Brazilië is dan niet los te maken met Acopamec. Jaak en Greta waren al enthousiast voor ik er een eerste stap zette, Mariana (David kon niet meekomen) zette me op weg in de braziliaanse ambassade en Sandra was mijn studiegenote tijdens de portugese lessen maar was ook hier reeds op bezoek. Reuzeblij jullie te kennen. Spijtig dat Toon en Chris er niet bij konden zijn, ook zij maken met hart en ziel uit van de kleine werkgroep Acopamec. En een nieuw hoofdstuk Brazilië is Ceifar waar Maria les geeft en ik wat help bij de directie op vraag van Anne. Anne was hier al enkele malen met Jules en Gaby. De laatsten ook als gasten van het Hannshof. Pol was meegekomen alhoewel hij zijn huis niet uit te jagen is. Kris, die ik leerde kennen in Brazilië voor zijn boek ‘Belgen in Brazilië’ kon helaas niet komen maar waarschijnlijk ontmoeten we elkaar in maart.
Ze komen als laatsten maar zijn zeker de eersten voor mij, Bert, Wen, Nele en Wim. Mijn lieve kinderen die ik zoals Arthur en Miel vaak mis. We zien of horen elkaar wel eens maar dat is niet hetzelfde als elkaar eens vastpakken. Ze maken me gelukkig en dankbaar en fier en trots. En je moet het me vergeven als ik te weinig contact heb, hier of in België.  Ik wil hier ook Sarah en Alexander bij betrekken met Goran en Floris. Voor Bert en Nele is Sarah als een zus, voor mij als een dochter. En Marina, dankbaar voor de zorg en het gedeelde ouderschap van onze kinderen. Lieve en Hans, ik zeg het wel elk jaar maar ik meen het, ook jullie kan niet genoeg danken voor de zorg voor Nele, Wim, Arthur en Miel. Heel blij was ik met de aanwezigheid van de ouders van Wen, Kimchi en Jong Sheng, die speciaal wat langer in België bleven voor het feest alvorens naar Taiwan terug te keren.
In die gehele geschiedenis ontbreekt één schakel, de parochie waar ik toch meer dan 20 jaar catechese gegeven heb. Maar als symbool daarvan had het feest plaats in De Koepel, de parochiezaal van Christus-Koning en... op de plaats waar ik als kind naar de lagere school ging.
Velen waren er niet bij, maar daarom zijn ze niet minder belangrijk geweest in mijn levensgeschiedenis. Ik had me echter voorgenomen 65 mensen uit te nodigen, 1 voor elk jaar.
Dankbaar ben ik voor de vele mooie geschenken maar het mooiste geschenk die dag was toen ik jullie allen zag, jullie zijn voor mij het mooiste wat mij in die 65 jaar kon overkomen, jullie allen. Elk van jullie hebben meegeschreven aan mijn geschiedenis, elk van jullie hebben een deel meegevaren op mijn rivier, velen onder jullie hebben mee de twee bochten genomen die ik nam. Hopelijk varen jullie nog een eindje mee en, God weet, spreken we af aan 70 jaar. Mens wat word ik oud.

Abraço,
Guido