WOORDJE TER GELEGENHEID VAN MIJN VERJAARDASFEEST.
65 JAAR, en er was feest. In april vierden we het
reeds in Brazilië en dan op 11 september met familie en vrienden in België.
Veel wou ik in een woordje zeggen, nachten in gedachten liggen schrijven, herschrijven
en herbrouwen. Maar bij het opstaan vergeet je de helft (en dat heeft niets te
zien met Alzheimer) en op het moment zelf dank je dan voor de vuist weg. Maar
toch wil ik jullie dat nog zeggen:
Bedankt omdat je er bij was, jullie allen waren een
deel van 65 jaar geschiedenis. Paulo Coelho schreef: “Ser como o rio que flui”,
het is als de rivier die stroomt. Maar dat beeld wil ik toch wat nuanceren.
Natuurlijk was ik blij dat de bron van deze levensrivier er bij was, papa en
tante Lisette, tante Laurence die van nabij getuige waren. En wat heimwee voor
hen die er niet meer bij konden zijn. Verder vloeit de rivier verder, rustig,
kabbelend, af en toe wat stroming en twee bochten die hij maakt, een eerste in
2000 en dan een tweede in 2009. Maar hier hou ik het beeld van de rivier voor
bekeken, laat hem maar rustig verder vloeien, naar waar en hoever nog ligt in
de palm van God’s hand.
Naast het beeld van de rivier vind ik, als
geschiedenisliefhebber, dat jullie allen een belangrijke rol in mijn leven,
mijn geschiedenis, gespeeld hebben/ spelen. Johan, Katrien, Lieve en Stefaan om
voor mij broer en zus te zijn. Het is moeilijk onder woorden te brengen hoeveel
dat voor mij betekent. Kozzens en nichten, Martine, Ronald, Petra, Michel,
Bart, Winnie, Els en Karel. Van elk van jullie zijn er herinneringen die ik met
vreugde bewaar. En dat gaat van een go-car race in de Gemene Weidestraat tot
het spookkot op zolder van de Karel de Stoutelaan. Graag had ik er Antoon en
André bij gehad, Koksijde en legerdienst, maar na een kort contact met hen
enkele jaren geleden is die tijd alweer de mist ingegaan.
Er is de vriendschap van enkele meisjes uit het home
waar ik na mijn legerdienst begon te werken maar ook de blijvende band met Roos
en Geert, bijna waren we er niet meer toen de vloed van de zee ons in Bretange
begon in te halen, het water was even te diep. Verbonden met mijn werk, eerst
in het home en dan later in het seminarie, is er Yolanda en Camiel zaliger die
een jaar nadat ik begon in het home er kwam werken en me volgde naar het
seminarie, ook een jaar later. Prachtige jaren, en we houden nog steeds
dankbaar de herinnering aan Camiel levend. Via het seminarie en dan onze
werkgroep, maar dan zitten we al in een ander hoofdstuk, kwamen Anne, Danny en
lieve Rebecca al zingend (vooral dan Anne) in mijn leven. En als je seminarie
zegt dan denk ik zeker aan de velen die priester werden gewijd, aan de zusters
waar ik vaak een thuis vond. Dezelfde ‘Zusters van ’t gelove’ die ik sedert
mijn jaren in het home ken en steeds bezoek als ik in België ben. Mijn leven
lijkt wel verweven met zusters en priesters en de parochie Christus-Koning.
Frederique, één van de laatste uit mijn seminariegeschiedenis was erbij. Helaas
konden Rik, Lode en Jos niet komen, de zondag is nu eenmaal een dag met
verplichtingen.
Vrienden van oudsher, Lien en Willy, een beetje uit
het oog de laatste jaren maar niet uit het hart. Vele warme herinneringen, de
Arthurboeken en -reizen, de wijnavonden in de tuin, ‘Master Chef’ avant la
lettre, de opvang in moeilijke dagen. Talloze reizen maakte ik eveneens met
mijn lieve schoonzus en -broer, Lene en Robert. En ik weet het Elke, ik ben
niet zo’n voorbeeldige peter maar blij dat je er bij was. Vrienden zijn van
alle tijden, Chris waarmee ik zoveel zorgen en leed heb gedeeld maar evenveel
vreugde. Marc en Do, Italië ligt aan hun hart zoals Brazilië aan het mijne. Hun
zoon leerde me AC/DC herontdekken. Maar we hebben meer dan dat te delen.
Dichterbij in tijd leerde ik Werner en Anneke kennen, hier in ons Hannshof
waren drie dagen genoeg om vrienden te worden. Werner maakte ook de fotomontage
van mijn 65 jaren, nogmaals dank daarvoor.
Brazilië is dan niet los te maken met Acopamec. Jaak
en Greta waren al enthousiast voor ik er een eerste stap zette, Mariana (David
kon niet meekomen) zette me op weg in de braziliaanse ambassade en Sandra was
mijn studiegenote tijdens de portugese lessen maar was ook hier reeds op
bezoek. Reuzeblij jullie te kennen. Spijtig dat Toon en Chris er niet bij
konden zijn, ook zij maken met hart en ziel uit van de kleine werkgroep
Acopamec. En een nieuw hoofdstuk Brazilië is Ceifar waar Maria les geeft en ik
wat help bij de directie op vraag van Anne. Anne was hier al enkele malen met
Jules en Gaby. De laatsten ook als gasten van het Hannshof. Pol was meegekomen
alhoewel hij zijn huis niet uit te jagen is. Kris, die ik leerde kennen in
Brazilië voor zijn boek ‘Belgen in Brazilië’ kon helaas niet komen maar
waarschijnlijk ontmoeten we elkaar in maart.
Ze komen als laatsten maar zijn zeker de eersten voor
mij, Bert, Wen, Nele en Wim. Mijn lieve kinderen die ik zoals Arthur en Miel
vaak mis. We zien of horen elkaar wel eens maar dat is niet hetzelfde als
elkaar eens vastpakken. Ze maken me gelukkig en dankbaar en fier en trots. En
je moet het me vergeven als ik te weinig contact heb, hier of in België. Ik wil hier ook Sarah en Alexander bij
betrekken met Goran en Floris. Voor Bert en Nele is Sarah als een zus, voor mij
als een dochter. En Marina, dankbaar voor de zorg en het gedeelde ouderschap van
onze kinderen. Lieve en Hans, ik zeg het wel elk jaar maar ik meen het, ook
jullie kan niet genoeg danken voor de zorg voor Nele, Wim, Arthur en Miel. Heel
blij was ik met de aanwezigheid van de ouders van Wen, Kimchi en Jong Sheng,
die speciaal wat langer in België bleven voor het feest alvorens naar Taiwan
terug te keren.
In die gehele geschiedenis ontbreekt één schakel, de
parochie waar ik toch meer dan 20 jaar catechese gegeven heb. Maar als symbool
daarvan had het feest plaats in De Koepel, de parochiezaal van Christus-Koning
en... op de plaats waar ik als kind naar de lagere school ging.
Velen waren er niet bij, maar daarom zijn ze niet
minder belangrijk geweest in mijn levensgeschiedenis. Ik had me echter
voorgenomen 65 mensen uit te nodigen, 1 voor elk jaar.
Dankbaar ben ik voor de vele mooie geschenken maar het
mooiste geschenk die dag was toen ik jullie allen zag, jullie zijn voor mij het
mooiste wat mij in die 65 jaar kon overkomen, jullie allen. Elk van jullie
hebben meegeschreven aan mijn geschiedenis, elk van jullie hebben een deel
meegevaren op mijn rivier, velen onder jullie hebben mee de twee bochten
genomen die ik nam. Hopelijk varen jullie nog een eindje mee en, God weet,
spreken we af aan 70 jaar. Mens wat word ik oud.
Abraço,
Guido